|
door Lili Chavannes
Reïncarnatie en karma zijn kernbegrippen in hoe antroposofen ‘de mens’ zien. De gedachte dat geboorte en dood niet de absolute grenzen aangeven van de menselijke individualiteit staat centraal in het antroposofisch mensbeeld: de menselijke individualiteit komt herhaaldelijk op en gaat herhaaldelijk af van het wereldtoneel. Zij neemt daarbij een zich ontwikkelend lotspakket mee. De voorstelling is - in het groot - niet anders dan dat je na een langere of kortere dag gaat slapen, in de nacht van alles meemaakt, en de volgende dag nog steeds, als hetzelfde individu, verder gaat met waar je de vorige dag gebleven was. De slaap als het kleine broertje van de dood.
In de antroposofie wordt onderscheid gemaakt tussen ziel en geest. De mens bestaat als enige levende wezen uit lichaam, ziel en geest. Slapend ligt in bed mijn levende lichaam. Wakend is dat ‘bezield’ met belevingen, gevoelens en gedachten, die een voor mij karakteristieke continuïteit vertonen. Dit geheel, het bezielde lichaam, wordt met geest‘flashes’ doorlicht op momenten dat ik bewust en in overeenstemming met de situatie en met mezelf handel. De beoordeling daarvan (als ik daaraan toe kom) is intuïtief. Ik wéét: dit klopt - of dit klopt niet. Klopt waarmee? Met een ‘geweten’ richting of intentie, waarvan ik me pas bewust word als de stap concreet is gezet, de handeling concreet is gedaan. Waarna ik ‘de volgende dag’ de zaak kan bijstellen of verder voeren: trial and error met een individueel-geestelijke grondtoon. Iedereen kan het invullen met eigen voorbeelden. De psychisch-geestelijke individualiteit is alleen als ontwikkelingsproces te denken. Moraliteit is het domein van de geest. De ziel op zich heeft nog geen geweten, geen weet van goed en kwaad.
Het leven heeft zin omdat je je eraan ontwikkelt. En het is niet aannemelijk dat één leven genoeg zou zijn voor een overall ontwikkeling tot ‘volbloed’ mens, een mens die in zich heeft uitontwikkeld waartoe de mens als soort in staat is: onzelfzuchtige, vrije, wijze en daadkrachtige liefde voor medemens en aarde. Als middeleeuwse non in Gandersheim ontwikkel je andere kwaliteiten dan als filosoof in het Griekenland rond 400 voor Christus (Steiner, voordracht op 29-9-1924). En wie weet wat er nog voor belangrijks te leren en bij te dragen valt onder de steeds meer global wordende omstandigheden van het informatietijdperk?
In de dood legt de mens zijn lichaam af, zoveel is duidelijk. Na de dood, na een zekere verwerkingsperiode, wordt ook de ziel afgelegd. De bezieling heeft immers alles te maken met wat er in aardse omstandigheden en verhoudingen tussen mensen gebeurde. Díe bezielde persoonlijkheid met haar concreet geleefde levensdrama is uniek en onherhaalbaar en wordt na de dood verteerd en afgelegd.
Echter, het geestdeel van de individualiteit, dat wat de leefrichting van een mens beïnvloedde, voorzien van een, door de afgelopen aardse ervaringen bepaald, energetisch residu, blijft bestaan en maakt in de geestelijke wereld tussen dood en nieuwe geboorte een ontwikkeling door. Daarbij worden de ‘resultaten’ van het vorige leven gemetamorfoseerd tot voorwaarden voor het volgende. Aldus toegerust met een nieuw karma’pakket’ reïncarneert deze geestelijke kern na verloop van tijd: hij zoekt een nieuwe mogelijkheid om op aarde – die inmiddels een paar eeuwen verder is en dus nieuwe kansen biedt – een stapje verder te komen. Een stapje verder voor ‘zichzelf’, maar ook om bij te dragen aan de mensheidsontwikkeling als geheel. Waar het uiteindelijk naar toe gaat? Ik denk, in de verre toekomst, naar waar ook ieder mens voor zich in het klein naar zoekt: het op aarde – of moet je zeggen ‘kosmisch’?- realiseren van wijsheid, vrijheid en liefde. Dat de individuele ik-ontwikkeling uiteindelijk ten dienste staat van de mensheid als geheel, staat in de antroposofie centraal. Het pikante daarbij is dat tegelijkertijd ook het kleinst denkbare detail in een menselijke biografie van belang is. De geesteswetenschappelijke spanningsboog is enorm en even hersenkrakend als de natuurwetenschappelijke visie op de miljarden melkwegstelsels van het heelal.
Een belangrijke vraag is of het hier gaat om een vorm van levensbeschouwing, ‘geloof’, of dat er een menswetenschappelijke benadering gevonden kan worden om de ideeën praktisch toepasbaar te maken. Een benadering, die om zo te zeggen geloofwaardig (!) is omdat hij methodisch gefundeerd en bovendien functioneel bevredigend is, met name uitwerking heeft op de psychische gezondheid en levensmotivatie van de mens. Inderdaad zijn dergelijke, onorthodoxe, onderzoeksmethoden gevonden en nog in ontwikkeling (zie de literatuurverwijzingen onderaan het artikel).
Even belangrijk is de vraag waarom het nodig is van dit alles bewustzijn te hebben. Meister Eckhart, een duits mysticus aan het begin van de 14e eeuw, zegt: ‘Als ik een koning was en ik wist niet dat ik een koning was, dan was ik geen koning’. De kracht die zelfbewustzijn geeft, is nodig voor het uitvoeren van de functie van koning-zijn. Dat geldt ook voor het mens-zijn.
Hoewel niet nieuw in de cultuurgeschiedenis van de mensheid, want door de eeuwen heen onder de oppervlakte van de officieel heersende opvattingen steeds aanwezig, is de idee van reïncarnatie en karma voor het westerse bewustzijn vreemd, zo niet aanstootgevend. De natuurwetenschappelijke houding heeft de laatste anderhalve eeuw veel opzienbarende en praktische vooruitgang geboekt met haar gerichtheid op het zichtbare en het verifieerbare. Daarmee heeft zij geen gemakkelijke verhouding tot metafysische, niet voor de gewone zintuigen toegankelijke, gebieden. Bijna een eeuw geleden maakte Rudolf Steiner deze metafysische gebieden opnieuw toegankelijk, maar pas sinds enkele tientallen jaren nemen steeds meer mensen – op persoonlijke titel - de mogelijkheid van een doorgaande ontwikkeling na de dood met een daaraan gerelateerd hernieuwd leven op aarde serieus in overweging én ter harte.
Lili Chavannes, theoloog, biografisch consulent, medeauteur Kijk op Karma.
Literatuur: Rudolf Steiner, Werkingen van het Karma, Vrij Geestesleven, 1994 Rudolf Steiner, Karmaonderzoek deel 1-5, Vrij Geestesleven, 1995-2000 Paul Wormer, Lili Chavannes, Ate Koopmans, Kijk op Karma, Vrij Geestesleven, 2004 Zie ook de hierop gebaseerde workshops te vinden bij www.antroposofie.nl en www.biografiek.nl. Jaap van de Weg, Ontmoet jezelf; Vrij Geestesleven Floris Reitsma, Levensloop en lotsbestemming, Vrij Geestesleven
Gedicht Wyslawa Szymborska (Bnin, 2 juli 1923), 'Een versie van de gebeurtenissen' "Het doet me altijd goed wanneer ik waar dan ook een kunstzinnige en diepzinnige neerslag vind van de menselijke vraag naar herkomst en bestemming. Want de vraag rechtvaardigt de poging tot een antwoord." Lili Chavannes
|