Home Contact Home Inline
Matti Jagtman

Matti Jagtman (26) studeert kunstzinnige therapie aan de Hogeschool in Leiden. Haar zoektocht naar diepgang bracht haar bij de antroposofie.

"Na mijn middelbare schoolexamen wist ik eerst niet wat ik moest studeren. Ik was echt zoekende. Ik had behoefte aan diepgang en inhoud. Hierdoor kwam ik in aanraking met spiritueel georiënteerde bewegingen als new-age, maar vond die te zweverig. Mijn tante wees mij toen op de heroriëntatiecursus van de Vrije Hogeschool in Driebergen. Zo kwam ik in aanraking met de antroposofie. Hierin komen voor mij het spirituele en het aardse samen. Antroposofie geeft mij geestelijke ruimte en daardoor balans met de materiële wereld om mij heen. Ook geeft het mij hulpinstrumenten voor levensvragen als: 'Waarom ben ik hier, wat is mijn lot?"

Wat ik prettig vindt aan de antroposofie is dat zij veranderlijk is en meegroeit met de tijd. Steiner zegt volgens mij dat het er niet om gaat te doen wat hij zegt, maar in de antroposofie jouw eigen waarheid te vinden. Tegelijkertijd heb ik soms wel het idee dat bepaalde dingen blijven haken op de gedachten van honderd jaar geleden. Zoals de spreuken die worden gedaan op vrijescholen, die zijn nog altijd hetzelfde.

Boeken van Steiner vind ik erg moeilijk te begrijpen. Gelukkig zijn er een hoop antroposofische boeken in een toegankelijkere, 'modernere' taal geschreven. Deze boeken zie ik als een gids met informatie die ik in me opneem, onderzoek en vervolgens wel of niet gebruik. Ik vul mijn ' rugzak'  met dat wat me aanspreekt, met de dingen waar ik iets mee kan.

Ik vind het jammer dat antroposofie vaak door mensen in een hokje wordt gestopt. Omdat het volgens hun dogmatisch is. Ik denk dat zo'n mening gebaseerd is op een verkeerd beeld.

Het leuke van onze opleiding is dat deze dicht bij het reguliere werkveld staat, terwijl ze toch antroposofisch is. De fenomenologie waar we veel mee werken is daar een goed voorbeeld van. De fenomenologie maakt veel gebruik van de waarneming. Je kijkt goed naar dat wat je werkelijk ziet, maar probeert daar ook achter te kijken: ' Wat wordt er nou werkelijk uitgedrukt in een bepaald kunstwerk?'

In de opleiding wordt aan de antroposofie inhoudelijk niet veel aandacht besteed. Het is meer de gedachte: "Dat moet je weten en dat heb je nodig om je beroep uit te oefenen."

Wat ik hierna ga doen, laat ik voor mezelf nog open. Ik denk wel dat het iets therapeutisch wordt."

Motief 80, december 2004




printversie
* Aafke Schreuder: 'Ik sta erín, ik leef ermee' (januari 2004)
* Fernand Crijns: 'Opklimmen op de trap van bewustzijn' (februari 2004)
* Tom Scheffers: 'Ik verslind Steinerboeken' (april 2004)
* Florian Bruning: 'Ik zal mezelf nooit antroposoof noemen' (mei 2004)
* Julia van As: 'De basis van waaruit ik leef' (juni 2004)
* Merlijn Jakobs: 'Antroposofie is voor mij als water' (juli-augustus 2004)
* Rahayu Dragtsma: 'Antroposofie grijpen met mijn handen' (september 2004)
* Maaike Merkes: 'Idealen moet je leven' (oktober 2004)
* Maarten van der Gronde: 'Jongeren willen vernieuwen' (november 2004)
* Matti Jagtman: 'Antroposofie is veranderlijk' (december 2004)
* Carlijn Geluk: 'Op deze manier wil ik boer zijn' (maart 2005)
* Sigurd Borghs: 'Ik zie mijn werk niet als werk' (april 2005)
* Bart-Jeroen Kool: 'Ik wil niet antroposofisch denken' (mei 2005)
* Silvie van Breda: 'Antroposofie opent deurtjes' (juni 2005)
* Mira Spelbrink: 'Kinderen zijn zonnetjes' (juli-augustus 2005)
* Edwin van Gent: 'Iets nieuws in de wereld' (september 2005)
* Femke Dijkstra: 'Iedereen is waardevol' (oktober 2005)
* (november 2005)