Home Contact Home Inline
Klaas van Egmond

"Toen ik na veel lezen en omzwervingen in de wetenschap de antroposofie tegenkwam, had ik een aansluiting die verschilde van mijn ervaring met andere theorieën. Hier had ik iets in handen dat op een logisch niveau klopt, maar ook op een dieper intuïtief niveau. Dat wist ik."

Hij stond in dagblad Trouw beschreven als ‘de slimste man van duurzaam Nederland’. Na jarenlang het Natuur- en Milieuplanbureau te hebben gerund, dat de Nederlandse regering bedient met adviezen en rapporten, werkt hij nu aan de Universiteit Utrecht bij het Centrum voor Aarde en Duurzaamheid. Studenten maken hem daar mee als hoogleraar in colleges over milieuvraagstukken zoals klimaatverandering. Door het hele land is hij een veelgevraagd spreker over duurzaamheid. Daarbij is hij al jaren lid van de Antroposofische Vereniging in Nederland. “Als eerste ben ik na mijn ontdekking van Steiner de maandelijkse lezingen gaan volgen in Zeist. Ik stelde toen vast dat de antroposofie een enorm verklarend vermogen heeft. Dat vind ik nog steeds heel bijzonder.”

Is Klaas nu antroposoof all the way?
“Tja, wat is dat? Dat houdt me niet bezig. Ik heb niet op een vrijeschool gezeten en daar kan ik wel eens jaloers op zijn. Ik eet niet strikt vegetarisch, maar de laatste jaren komt het er min of meer op neer. Ik eet misschien één keer per week vlees. Wat me het meest aanspreekt, is de verwondering die de antroposofie in me levend houdt; niet een bepaalde leefstijl die je zou moeten hebben. Het is ook helemaal niet antroposofisch om daarin dogmatisch te werk te gaan. Die verwondering is belangrijk.

Ik heb altijd het besef gehad dat we op dit moment te veel denken vanuit een soort kinderachtige maatschappelijke euforie dat de wereld klaar en begrepen is, dat de reguliere wetenschap het laatste woord heeft. Dat is natuurlijk niet zo. We weten pas 150 jaar van het bestaan van elektromagnetische velden, waarop we nu met onze mobieltjes telefoneren. Het is zeer onwetenschappelijk om te denken dat het laatste woord nu wel zo’n beetje gesproken is. Er bestaat zoveel meer dan de keiharde waarnemingen die we in statistieken kunnen vangen. Dat perspectief spreekt me aan. Op een vergelijkbare manier is het met het antroposofische denken voor mij ook mogelijk om op een vrije manier door te dringen in het Christendom.

Vroeger voelde ik me kwetsbaar met mijn belangstelling voor de antroposofie. Bang om gek te worden gevonden. Dan had ik het gevoel dat ik mijn mens- en wereldbeeld moest verdedigen, maar ik wist niet hoe. Tegenwoordig denk ik, kom maar op. Er is wat dat betreft een kentering gaande. Meer mensen staan open voor ontdekkingen die geen vastomlijnde verklaring hebben.

En wat is nu eigenlijk gek? Dat je denkt dat er een bijzonder samenspel is tussen geestelijke krachten en de materiële, aardse wereld? Ik vind het veel gekker dat we in onze samenleving op het ziekelijke af energie blijven stoppen in systemen die stuk voor stuk kapot gaan. Elke dag spat het van de krantenpagina’s af dat we een drievoudige crisis beleven: financieel-economisch, sociaal-moreel en ecologisch. Ondertussen creëren we elke dag opnieuw het systeem dat ons gevangen houdt.

Voor mij is de universele aanpak van Steiner bijzonder, omdat hij ons wijst op de eenzijdigheid van al die systemen die we in het leven roepen. Ik vind het in dit licht niet meer toelaatbaar dat mensen eenzijdig al het geestelijke of spirituele blijven wegredeneren omdat het niet becijferbaar zou zijn. Als er iets is wat ik niet snap, of niet kan meten, dan is het toch armoedig om te zeggen dat het niet bestaat?

Wat je niet begrijpt, moet je onderzoeken.” Gedrevenheid, en soms mateloosheid, verklaart Klaas van Egmond, zijn kwalificaties die op hem van toepassing zijn. “Gedrevenheid, omdat ik geloof dat we met onze menselijke intenties en met ons denken een betere wereld kunnen scheppen, en mateloos omdat ik steeds maar doorga. Dan krijg ik bijvoorbeeld de tip om iets te lezen van een of andere denker en dan bestel ik meteen acht boeken van die auteur. Het is voor mij, en ik denk voor ons allemaal, de kunst om de rationele component en de intuïtieve component met elkaar in evenwicht te brengen. Als dat lukt, dan kom je op een hogere waarheidsgraad of werkelijkheidsgraad. Dan kom je uit bij waarachtigheid of authenticiteit.

Het klinkt wat hoogdravend misschien, maar ik geloof dat alleen authenticiteit de wereld kan redden. Authenticiteit is de vraag stellen: ‘wat is echt en wat hoort bij mij? Wat is mijn rol?’ Die vraag moet de samenleving zich als geheel stellen, en die vraag moeten wij ons ook persoonlijk stellen.”

Meer weten? Van Egmond publiceerde in 2010 het boek Een vorm van beschaving. En www.ucad.nl is de website van het centrum voor Aarde en Duurzaamheid van de Universiteit Utrecht



naar boven

printversie